Jongleren – 29 oktober 2020

Zoals iedere avond bij het naar bed brengen van onze jongens, komt ook deze avond hét boek van Pieter Konijn uit de kast. Het verhaal is door mijn man en mij al minstens vijftig keer voorgelezen, de tekst kennen we zowat uit ons hoofd. Maar deze avond valt ineens mijn oog op het woord ‘jongleren’. Eekhoorn Hakketak greep de felbegeerde radijsjes en begon ermee te jongleren.

Eenmaal beneden spreek ik het woord ‘jongleren’ een aantal keer hardop uit en speel met de klemtoon. En dan valt het kwartje, de reden waarom dit woord me zo triggert. Als moeder maar absoluut ook als rouwbegeleider vind ik het zo belangrijk dat kinderen met de paplepel krijgen ingegoten dat zij hun emoties niet onder stoelen of banken hoeven te steken, maar dat ze bijvoorbeeld hun verdriet mogen tonen. Als je dit jong-leert is de kans dat je later vastloopt wanneer je iets vervelends overkomt, een stukje kleiner. Je hoeft je niet te verschuilen, tranen zijn geen teken van zwakte. Het laat juist zien hoe sterk je bent en hoe goed je voor jezelf durft te zorgen.