Natuurlijke obstakels tijdens wandeling – 26 juli 2020

De afgelopen tijd ben ik met de jongens vaak gaan wandelen, meestal een uurtje of anderhalf. Dan weer in ons eigen Heeswijk-Dinther en af en toe wat verder weg. Van de week zijn we naar Heesch gereden.

Nadat we de auto hadden geparkeerd hebben we zowel de fiets van de jongste als ook de rolstoel van de oudste uitgeladen. En vervolgens zijn we een zandpad opgelopen. Meteen al werd ons doorzettingsvermogen en mijn geduld op proef gesteld, doordat we door het rulle zand moesten ploegen. Gelukkig werden we daarna beloond, we zagen een bankje staan midden op de heide. En als onze jongens een bankje zien, ook al is dat na vijf minuten wandelen, is de ongeschreven regel dat de rode koeltas open gaat. Om te kijken wat er nu weer voor lekkere verrassingen in zitten.

Helpende hand

En als het meeste van dat lekkers versnaperd is en ook ik genoten heb gaan we verder. De oudste zittend in zijn rolstoel door mij vooruit geduwd en de jongste fietst voor ons uit. Dat gaat niet altijd van een leien dakje, want behalve wegen met los zand, wortels en stronken, kwamen we omgevallen bomen tegen op diverse op het eerste oog meer begaanbare paden. Maar dat weerhoudt ons niet om door te gaan. Zowel de kinderen als hun vervoermiddelen worden over de boom getild. En ik krijg op mijn beurt een helpend handje van de jongens uitgereikt.

Ook lopen we een stuk op fijne verharde fietspaden, maar omdat we daar niet de enige aanwezigen  zijn, schiet onze wandeling niet op. Regelmatig even omkijken of er verkeer aankomt. Vooruit kijken om te zien of de jongste nog op het rechte pad fietst en soms moest ik zelfs opzij springen.

Geen plattegrond

Zonder plattegrond zijn we aan onze wandeling begonnen, geen idee hebbende hoelang en waarheen we precies zouden gaan. Het enige wat we wisten was waar de auto stond. Maar gelukkig was daar een behulpzame vrouw die ons vertelde welke kant we op moesten.

Even heb ik met haar staan praten. Zij kijkend vol bewondering naar onze twee jongens. En ik luisterend naar haar motivatie om iedere dag een wandelingetje te maken, dankbaar zijnde voor wat zij in haar leven heeft bereikt. Ze gaf me een prachtige lijfspreuk mee. “Als je blijft geloven in je eigen kunnen, bereik je datgene wat je wilt.”
En zo hebben wij ieder die middag genoten op onze eigen manier.

Cadeautje

De jongste op zijn fietsje, scheurend en schuivend door het losse zand en over de boomstronken. Maar vaak ook wachtend op moederlief en zijn broer. Onze oudste in zijn rolstoel, kijkend vanaf een andere ooghoogte en steeds lachend om zijn broertje. Helemaal als hij met zijn achterwiel zorgt voor opstuivend zand. En ik was in opperbeste stemming met onze kanjers om me heen. En dat ook nog in de natuur met hier en daar de zon zichtbaar door het bladerdek. Het was wederom een cadeautje met hier en daar wat obstakels. Maar waar we later, met behulp van de gemaakte foto’s, fijn aan kunnen terugdenken.